Titeren

De laatste tijd wordt er veel gesproken over het ‘titeren’, maar wat is dit nu precies?

Met titeren wordt er in het bloed gekeken of er nog genoeg afweerstoffen zijn tegen de ziekten waartegen geënt wordt. Als de afweerstoffen nog hoog genoeg zijn, is een enting niet noodzakelijk.

Titeren kan voor de volgende 3 ziekten: parvo, hondenziekte (distemper) en besmettelijke leverontsteking (hepatitis). Een afweerstoffen-bepaling tegen de ziekte van Weil (leptospirose) is niet mogelijk. De test hiervoor is nog niet betrouwbaar genoeg en er is aangetoond dat de enting maar 1 jaar werkzaam is.

We raden aan om eerst uw hond de basis-entingen te geven. Dit wordt gedaan bij pups op 6e, 9e en 12e levensweek en één jaar leeftijd. Na deze reeks is uw hond goed beschermd.

Het volgende jaar en het jaar daarop (dus op 2 en 3 jaar leeftijd) zal alleen tegen de ziekte van Weil geënt worden en is titeren nog niet van toepassing. Het volgende jaar, dus op een leeftijd van 4 jaar, is het voor het eerst zinvol om bloed af te nemen en te onderzoeken op afweerstoffen tegen parvo, hondenziekte en besmettelijke leverontsteking. Als de afweerstoffen hoog genoeg zijn, hoeft er tegen die ziekten niet geënt te worden. Het jaar erop wordt weer gecontroleerd of een vaccinatie tegen bovenstaande ziekten nodig is. De enting tegen de ziekte van Weil is wel elk jaar noodzakelijk.

Ons advies: Zorg voor een goede basis-enting en dan 2 jaar achtereen alleen de Ziekte van Weil-enting. Op 4 jaar leeftijd kunnen we gaan bespreken of we de cocktail geven of gaan titeren.