Het paardenpaspoort en chippen van paarden
Per 1 januari 2004 zijn de regels met betrekking tot de identificatie en registratie van paarden veranderd. Deze nieuwe regels zijn gebaseerd op Europese regelgeving.
Alle paarden die deelnemen aan wedstrijden hebben op dit moment al een paspoort en zijn gechipt. Vanaf 1 januari geldt de paspoortverplichting voor een veel grotere categorie paarden. Ook het herkenbaar zijn door middel van een chip is vanaf 1 april 2004 voor deze categorie paarden verplicht. Het gaat hierbij om de volgende dieren:
- Paarden, pony’s en ezels die vervoerd worden over de openbare weg in een trailer of veewagen.
- Paarden, pony’s en ezels die meedoen aan een wedstrijd of een keuring.
- Paarden, pony’s en ezels die verhandeld of geëxporteerd worden.
- Paarden, pony’s en ezels die worden geslacht.
- Veulens geboren na januari 2004 moeten binnen zeven maanden worden voorzien van een paspoort en een chip.
De verplichting geldt dus niet voor dieren die alleen aan de hand, onder het zadel of aangespannen langs de openbare weg worden vervoerd.
De nieuwe regels zijn ontwikkeld vanuit een aantal oogpunten.
- Het oogpunt van voedselveiligheid. Tot nu toe zijn alle paarden voor de wet uiteindelijk slachtdieren. Dit betekent dat er een groot aantal regels zijn met betrekking tot het gebruik van medicijnen bij het paard. Hierdoor is het aantal medicijnen wat gebruikt kan worden bij het paard beperkt. In de praktijk blijkt dat een groot deel van de paarden uiteindelijk niet geslacht wordt. In het nieuwe paspoort dient de eigenaar aan te geven wat de uiteindelijke bestemming van het paard is, dus of het dier uiteindelijk een slachtdier wordt of niet. Wordt er gekozen voor de bestemming “niet voor de slacht”, dan heeft de dierenarts op termijn, als de diergeneesmiddelenwet is aangepast, een breder scala aan medicijnen ter beschikking.
- Het paard is met een chip en een paspoort altijd herkenbaar. Bij verkoop, keuringen en bij het rijden van wedstrijden kan dus altijd nagegaan worden of het paard wat voor je staat overeenkomt met het paard van het paspoort. Ook de stamboeken maken gebruik van de identificatie via een chip.
- Bij vermissing of diefstal vergemakkelijkt een chip het opsporen van het dier.
Het aanvragen van een paspoort gebeurt bij voorkeur bij het betreffende stamboek. Is uw dier niet bij een stamboek onder te brengen dan wordt het paspoort aangevraagd bij de KNHS (Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie). Het inbrengen van een chip wordt door de dierenarts of door een paspoortconsulent (in dienst van een paspoortuitgevende instantie) gedaan. De chip is een kleine transponder (ongeveer 12 mm), met daarop een uniek nummer. Met een speciale reader is dit unieke chipnummer af te lezen. De chip wordt ingebracht op de linker halsvlakte van het paard. Hier wordt een klein plekje geschoren en gedesinfecteerd en vervolgens wordt met een holle naald de chip ingebracht. De chip wordt daar ingekapseld in het spierweefsel en blijft in principe op deze plek zitten. Het inbrengen van een chip is geen grote ingreep.
Tot zover de nieuwe regels rond de identificatie van paarden, heeft u nog vragen dan is er een speciale website geopend: www.nl-paardenpaspoort.nl.